Deze houten driemaster van 150 voet lang, voorzien van 32 kanonnen, is een reconstructie op ware grootte van het VOC-schip Amsterdam. In de achttiende eeuw vervoeren dergelijke vrachtschepen – de grootste in hun soort – handelswaar tussen Azië en Europa. Begin 1749 vertrekt de Amsterdam vanaf Texel voor zijn eerste zeereis naar Batavia. Aan boord zijn 203 bemanningsleden, 127 soldaten en 5 passagiers. Maar door een hevige storm in Het Kanaal strandt het schip voor de Engelse zuidkust. Een groot deel van de romp ligt daar nog steeds. Archeologen hebben een deel van de scheepslading boven water gehaald en diverse objecten hiervan bevinden zich nu in de collectie van het Scheepvaartmuseum. Deze reconstructie is tussen 1985 en 1990 in Amsterdam gebouwd. Voor het ontwerp zijn bouwtekeningen van een vergelijkbaar schip uit de museumcollectie gebruikt en een achttiende-eeuws scheepsmodel uit de collectie van het Rijksmuseum.

Om meer te horen over de geschiedenis van de Verenigde Oost-Indische Compagnie, de VOC, toets A.

A